In de media:

 

Airplay op BRTO-Radio - 23 augustus 2009: In het programma Paperlate van 20.00-21.00 uur. Van 'Rofloré' 

    worden gedraaid: The Dawning of Nylyo, Rofloré's Creation, Iuvenis, Yascath's Question en First Signs of the Arädany.

Progwereld - 9 juni 2009: Recensie van 'Rofloré'

Interview en Airplay op Radio Almelo - 26 april 2009: In het programma Xymfonia van 20.00-21.00 uur 

    special guest met interview en muziek van de diverse albums. Van 'The Path' worden gedraaid: A Retrospect/Towards

    the Unknown part III: Finale/The Question en Along Flowing Waters. Van 'Shades' worden gedraaid: The Teacher 

    en Krimi. Van 'Rofloré': The Dream, The Symphonic Muse, Dhaedra, Return en Master of Aräda. Van 'Views' no.13 

    en no. 22. Van Morphosis 'Secrets of the Cosmos' het nummer Area 51.

iO Pages nr.89 - april 2009: Recensie van 'Rofloré'

Airplay op Radio Almelo - 29 maart 2009: In het programma Xymfonia worden van 'Rofloré' gedraaid:

    Descriptions of Ymyty, The Edhazherä, Dhaedra, Return en Master of Aräda

Prog-résiste - voorjaar 2007: Recensie van 'Shades'

iO Pages nr.69 - oktober 2006: Bericht over de gereviseerde uitgave van 'The Path'

Maassluise Courant - 14 juni 2006: Artikel over 'Shades' en de voortgang van 'The Path'

Airplay op Radio Almelo - 7 mei 2006: In het programma Xymfonia worden van 'Shades' gedraaid:

    Krimi en The Maestro/Maitreya

iO Pages nr. 66 - mei/juni 2006: Recensie van 'Shades'

OJE Music - mei 2006: Recensie van 'Shades'

Prog-résiste - november 2005: Recensie van 'The Path'

Airplay op Radio Almelo - 15 mei 2005: In het programma Xymfonia worden van 'The Path' gedraaid:

    Tender Innocence part II en A Retrospect/Towards the Unknown part III: Finale/The Question

iO Pages nr. 59 - mei/juni 2005: Recensie van 'The Path'

OJE Music - maart 2005: Recensie van 'The Path'

 

                                                                                          -------------------

 

 

            OJE Music - maart 2005

        Recensie van 'The Path'

 

Swart was eind jaren 70 betrokken bij ‘The NeoSinfonia Association' (NSA), een fanclub van symfonische rock. Reeds toen was hij een uitstekend gitarist en zette hij tracks van o.a. Genesis (‘For Absent Friends'), Phillips & Rutherford (‘Field of Eternity') en Gordon Giltrap (‘Reflections & Despair') om in een gitaarzetting. Het notenschrift was vervolgens te vinden in het blad ‘Symphonic Credo' van NSA. Zijn voortdurende interesse in deze muziek en zijn ontwikkeling als gitarist en toetsenspeler heeft de afgelopen jaren geresulteerd in een aantal in eigen beheer uitgegeven albums. Zowel solo als met de band Morphosis.
Op het solo-album ‘The Path' vindt Swart inspiratie in zijn dromen, in de werken van Tolkien en het wereldberoemde schilderij ‘De Marskramer' van Jeroen Bosch. Is de marskramer al eeuwen op pad, alle mensen, dieren en andere wezens die in de tracks figureren zijn eveneens onderweg. De eerste negen composities refereren in sterke mate aan Anthony Phillips. Zowel door de intieme sfeer, die ook Phillips altijd zo goed weet neer te zetten, alsmede door de akoestische gitaar van Swart en zijn prima en directe, soms wat lijzige manier van zingen. Tevens toont hij een zeer verdienstelijk bespeler van de keyboards te zijn. De prachtige opener ‘White Melancholy' laat dit alles in samenhang horen. Maar ook ‘Tender Innocence Part 1' , dat vernuftig in elkaar steekt, is daar een toonbeeld van. De vijf tracks die betrekking hebben op Tolkiens' werken liggen ingeklemd tussen het intro ‘The Road Goes Ever On and On' en het outro ‘The Road Reprise', waarbij met name ‘Nimrodel' en ‘Gandalf' eruit springen door de afwisseling van rustige passages en bombastische keys en drums. In deze tracks schemert, door de manier van zingen van Swart, zo her en der ook Robert Wyatt door.

De overgang tussen Tolkien en Jeroen Bosch wordt gevormd door twee intermezzi, te weten ‘Tender Innocence Part 2' en ‘Along Flowing Waters'. Deze laatste is een prachtige compositie voor gitaar met slechts aan begin en einde een paar akkoorden op keys. Peter Swart heeft dit nummer zelfs ooit mogen spelen in de studio van Anthony Phillips op één van diens gitaren. Phillips zal ongetwijfeld op dat moment het gevoel hebben gehad naar zichzelf te luisteren.
'A Retrospect/Towards the Unknown' bevat een drieluik aan composities gebaseerd op het eerdergenoemde schilderij van Jeroen Bosch. De teksten zijn geschreven door Peter van der Laan, ooit frontman van ‘The NeoSinfonia Association', die tevens de declamaties in ‘Bearer of Darkness' voor zijn rekening neemt. De composities in het drieluik zijn goed en laten door het ruimere gebruik van instrumenten horen hoe de tracks zouden klinken als ze door een voltallige band zouden worden gespeeld.
Met ‘The Path' heeft Peter Swart laten horen een prima muzikant en goede componist te zijn die in al zijn genen doordrenkt is van de historie van de symfonische muziek. ‘The Path' kent echter ook minpunten. Zo spreken mij de geprogrammeerde drums niet altijd aan, een drummer van vlees en bloed geniet altijd de voorkeur, en komt het album op sommige momenten wat fragmentarisch over. De produktie is voor een uitgave in eigen beheer echter zeer acceptabel te noemen. Peter Swart heeft veel meer in zijn mars. Ik hoop dat hij de motivatie vasthoudt, altijd moeilijk als je alles in eigen beheer moet regelen. Hij verdient daarbij steun dus ik zou zeggen “bestellen die CD” (via bovengenoemde adressen). Ik verzeker u, het zal niet tegenvallen.

Harry de Vries    

 index

 

 

 

 

      iO Pages nr. 59 - mei/juni 2005

     Recensie van 'The Path'

 

 

PETER SWART

The Path

(EIGEN BEHEER)

Het vergt nogal wat lef om anno 2003 met een CD te komen die deels gebaseerd is op het werk van Tolkien. Het gevaar om als meelifter van een hype te worden aangeduid ligt immers op de loer. The Path, het derde album van Peter Swart, heeft echter niets van de bombast van een Howard Shore of ander effectbejag. De eigenbeheer productie heeft eenzelfde uitstraling als menig deel uit de Private Parts & Pieces serie van Anthony Phillips, niet in de laatste plaats, omdat Swarts gitaarwerk eenzelfde warmte uitstraalt als dat van de eerste Genesis-snarenplukker. Along Flowing Waters had bijvoorbeeld niet misstaan op diens Antiques. Daarnaast is er veel ruimte voor wollig klinkende keyboards, waarbij je steeds het gevoel hebt naar een intiem kleinood uit de jaren zeventig te luisteren, ware het niet dat je soms naar recentere tijden wordt gesleurd door een effectieve, maar niet altijd even fraai klinkende drumcomputer en de fretloos-imiterende bassynthesizer.

Zijn melancholieke pianospel heeft hierbij eenzelfde effect als bijvoorbeeld Tim Story weet te creëren en vormen een mooi tegenwicht tegen de vaak dreigende strings en andere synthesizergeluiden. Swart heeft een aangename, haast fluisterende stem, enigszins verwant met wijlen Duncan Browne en in de gesproken passages in Tender Innocence Part 2 en Finale/The Question opvallende gelijkenissen vertonend met Magna Carta’s Seasons. Op Bearer Of Darkness uit het drieluik A Retrospect/Towards The Unknown, dat geïnspireerd is op het schilderij De Marskramer van Jeroen Bosch en waarin een zweverige elektrische gitaar een mooie Genesissfeer oproept, is overigens zijn partner in de band Morphosis, Peter van der Laan, even te gast als vertolker. Al deze elementen maken The Path tot een fraai soort Lo-Fi Symfo.  

René Yedema

        index

 

      

     Prog-résiste nr.42 - november 2005

     Recensie van 'The Path'

peter SWART

The path

Auto-prod. - 36'19 - Pays-Bas '03

Style: rock-progressif atmosphérique

 

Peter Swart is iemand die duidelijk goed in zijn vel zit. Het lijkt wel alsof allerhande zorgen geen vat op hem hebben: zijn wereld, met andere woorden zijn muziek, is zo lieflijk en van een verwarrende eenvoud; zij getuigt van een algehele gemoedsrust. Hij wordt waarschijnlijk niet gekweld door zaken. Misschien weet hij niet eens dat zoiets mogelijk is. Bovendien is het nog maar de vraag of dat nuttig is.

Een piano, een akoestische gitaar en een fluweelzachte stem volstaan volledig om de aandacht van de recensent te trekken. Er is weinig informatie te vinden op internet over deze artiest; ik moet het dus doen met het album zelf en mijn eigen impressies.

 

 

 

Progressief? Er is bijna geen sprake van. Daarentegen is het album uitermate geschikt om bij weg te dromen. Ik was vooral gecharmeerd van de schoonheid van de teksten en van de zachtheid, de fijngevoeligheid, ja zelfs van de melancholie van deze grote romanticus (hij doet me heel erg denken aan Anthony Phillips). 

Dit album is een snoepje dat je moet proeven met je ogen dicht, bij gedempt licht, als je 's avonds in een poëtische stemming bent. Eén klein probleempje: zorg dat je niet in slaap valt voor het einde.

 

Jean-Luc Piérard

(vertaling Manon Schoo)

 

 

index

 

      OJE Music - mei 2006

     Recensie van 'Shades'

 

Voor de rustige zomermaanden ....

 

Net als op 'The Path' beweegt Swart zich in het Anthony Phillips-idioom. Maar naast de rustgevende miniatuurtjes nu ook langere symfonische tracks. 'Shades' is meer in balans dan 'The Path' en de nu toegevoegde drummer van vlees en bloed geeft de muziek meer kracht. Swart is weer een stap verder in zijn ontwikkeling.

 

Harry 'Jojo' de Vries

 

index

 

   

     iO Pages nr. 66 - mei/juni 2006

     Recensie van 'Shades'

 

 

PETER SWART

Shades

(EIGEN BEHEER)

Met The Path (zie iO 59) bewees Peter Swart een specialist te zijn in het maken van intieme symfonische muziek in de categorie van Anthony Phillips en Tim Storey. Op Shades weet hij deze status te continueren en te verstevigen, waarbij vooral het inzetten van drummer Koos van Reeven van grote betekenis is. Zijn volle, maar nergens bombastische bijdragen geven composities als Krimi (waarbij de dood/moord van een jonge Braziliaan in Londen na de metroaanslagen gestalte krijgt als Duitse politiefilm) en The Maestro/ Maitreya (over de wederopkomst van deze beweging) een gedegen draagvlak. Ook de productie is verbeterd, zonder de warme jaren 70-sound, vol vintagegeluiden als elektrische en akoestische piano, strings, Mellotron en Moog oproepende keyboards, te verliezen; eigenlijk klinkt alleen de glijdende bassynthesizer - hoewel niet storend - een beetje surrogaat.

Hoewel het aantal korte concepten in vergelijking met de voorganger teruggebracht is tot één (een op Hans Christian Andersen's sprookje De Sneeuwkoningin geïnspireerd kwartet), klinkt Shades als geheel nog

meer coherent. Dit is vooral bewerkstelligd door het grotendeels en elkaar laten overvloeien van de dertien miniaturen en het feit dat een melancholieke, weemoedige atmosfeer overheerst. De pianoballades Summerrain, The Father en The Teacher, die door Swart fluisterend en in de beste Duncan Browne- traditie worden voorgedragen, passen perfect in deze setting. Maar ook Rondino en The Salmon Suite, die geconstrueerd zijn rondom klassiek, Phillips-achtig gitaarspel, dragen bij aan het ingetogen karakter. De verstilling wordt slechts onderbroken als de zwevende, typisch als beginjaren 70-klinkende elektrische gitaarsolo's (denk aan Bo Hansson, Gandalf en het vroege Genesis) de emoties doen oplaaien, waardoor ondermeer In The Depth There Are Shades en genoemde tracks met drumbijdragen uitmonden in bescheiden minisymfonieën.

Overigens wordt binnenkort een nieuwe versie van The Path uitgebracht, waarop de elektronische drums plaats hebben gemaakt voor akoestisch slagwerk en de teksten van Tolkien noodgedwongen zijn vervangen.

René Yedema

        index

 

 

        Maassluise Courant - 14 juni 2006

    

 

Nieuwe CD van Peter Swart goed ontvangen 

Het nieuwe album ‘SHADES’ van Maassluizer Peter Swart  is in de muziekpers goed ontvangen. Zowel het tijdschrift iO Pages als het OJEMusic web (beide gespecialiseerd op het gebied van progressieve rockmuziek) hebben er in lovende bewoordingen aandacht aan besteed. Het Franstalige Prog-résiste zal in het najaarnummer eveneens een recensie brengen over het nieuwste werk van Swart.

 

iO Pages omschrijft de muziek als intieme symfonische muziek en maakt vergelijkingen met het werk van Anthony Phillips en het vroege Genesis. Piano, klassieke gitaar, 70-er jaren aandoende synthesizers en fluisterende zang brengen ingetogen, melancholieke muziek. Af en toe wordt deze doorbroken door steviger passages, waarin met elektrische gitaren en drumwerk een volle symfonische sfeer bereikt wordt.

Op het vorige album ‘THE PATH’ vond Peter Swart zijn inspiratie in schilderijen, dromen en fantasy. Op ‘SHADES’ vinden we in deze trant een vierluik terug, geïnspireerd door het sprookje ‘De Sneeuwkoningin’ van H.C. Andersen.

Het openingsnummer van de cd is een muzikale verbeelding van een duik in de diepte, terwijl het slotnummer ‘The Maestra/Maitreya’ daarentegen zijn wortels heeft in de beweging die de wederkomst van de Maitreya predikt. Tussen deze uitersten bewegen zich enkele klassieke

 

gitaarstukken en pianogeoriënteerde ballades,waarbij ‘The Teacher’ zijn inspiratie vond in Swarts werk als docent. Het sterk symfonische ‘Krimi’ heeft reeds airplay gekregen in Oost Nederland tijdens een regionaal symfo-uurtje.

De aandacht voor het werk van Swart is opmerkelijk, gezien het feit dat er sprake is van een productie in eigen beheer. Dat houdt in dat vrijwel alle muziek thuis is opgenomen en geproduceerd. Slechts voor het drumwerk van Vlaardinger Koos van Reeven is men Studio Het Pand te Vlaardingen ingegaan.

Het toevoegen van een drummer van vlees en bloed is één van de veranderingen ten opzichte van het vorige album ‘THE PATH’. Met dit werk is de aandacht voor Peter Swart in het wereldje van de symfonische popmuziek begonnen. OJEMusic schreef over dit werk: “Met ‘The Path’ heeft Peter Swart laten horen een prima muzikant en goede componist te zijn, die in al zijn genen doordrenkt is van de historie van de symfonische muziek.” Muziekblad iO Pages voegde hieraan toe: “Je hebt steeds het gevoel naar een intiem kleinood uit de jaren ’70 te luisteren.” Het Franstalige Prog-résiste schreef onder andere: “Dit album is een snoepje dat je moet proeven met je ogen dicht, bij gedempt licht, als je ’s avonds in een poëtische stemming bent.” Van ‘THE PATH’ wordt momenteel een hernieuwde uitgave gemaakt. Drummer Koos van Reeven heeft de oorspronkelijke drummachine vervangen en Swart heeft van de Engelse uitgever van het werk van Tolkien een verbod gekregen op het gebruik van diens gedichten (het album bevat 5 stukken die geïnspireerd zijn door Tolkiens meesterwerk ‘In de Ban van de Ring’). Dichteres Anna Windig heeft nieuwe teksten bij de muziek geschreven. In Studio Het Pand werkt men aan een remix van het geheel, zodat de cd binnenkort weer leverbaar zal zijn.

Het album ‘SHADES’ is tegen een vriendenprijs te koop bij cd-winkel Mastersound aan de Noordvliet 29 te Maasluis.

        index

      iO Pages nr. 69 - oktober/november 2006

De in iO 59 gerecenseerde CD The Path van Peter Swart is onlangs opnieuw uitgebracht. 

Niet alleen heeft de plaat een mooie remix gekregen, tevens zijn er enkele elektrische gitaarstukken 

toegevoegd en zijn de drumcomputerpartijen grotendeels vervangen door de mooi diep geproduceerde 

echte drums van Koos van Reeven, die ook al te horen was op Shades (zie iO 66). 

Ten slotte zijn op last van de Engelse uitgever van het werk van Tolkien de teksten van de op deze 

schrijver gebaseerde songcyclus vervangen door teksten van dichteres Anna Windig. Swart is nu op 

zoek naar een platenmaatschappij die zijn platen officieel wil gaan uitbrengen. 

 

index

 

    

      Prog-résiste nr.47 - voorjaar 2007

      Recensie van 'Shades'

         peter Swart

        Shades

        Autoproduction – 39’07 – Pays-Bas - 06

        Style: Musique atmosphérique

 

        Ik weet het nog zo net niet hoe deze

        uitgave mij bereikt heeft (zonder twijfel

        omdat het vorige schijfje van onze

        vriend in mijn buidel is gevallen – zie

        PR 42).  In ieder geval is de muziek op

        Shades niet echt mijn smaak, die in de

        loop der jaren sterk ge’metal’iseerd is.

        Ik kan niet anders dan herhalen wat ik

        destijds heb geschreven, maar met meer

        reserve deze keer.

 

 

     De zaak van Peter Swart is als altijd

     akoestisch, atmosferisch, erg zacht ,

     doordrongen van een grote sereniteit

     maar nauwelijks progressief en zonder

     het nemen van innovatieve risico’s. Dit

     is een minpunt, ofschoon de tred oprecht

    blijft.

     Hoe het ook zij, mijn conclusie is gelijk

     aan die in 2005: dat is om niet in te

     slapen voor het eind, tenzij dat het doel

     is! Dit gezegd zijnde, de muziek blijft

     mooi.

     Ainsi-Swart-il.

     Jean-Luc Piérard

     index

 

        iO Pages nr. 86 - april 2009

       Recensie van 'Rofloré'

 

PETER SWART

Rofloré

(EIGEN BEHEER)

Gebaseerd op een verhaal van Peter van der Laan, beschrijft Rofloré het leven van een minstreel in een fantasy-achtige setting. Het is een filosofisch avontuur, vergelijkbaar met Hesse’s Siddharta of, om in de fantastische literatuur te blijven, figuren als Paolini’s Eragon en Marysons Jyll, waarin de hoofdfiguur door middel van al dan niet kosmische reizen vol gevaren, uitdagingen, teleurstellingen en liefdes dermate veel ervaring opdoet dat hij het leven en de taak die hij moet vervullen gemotiveerd en met wijsheid aan kan. Voor dit nieuwe project heeft Peter Swart voor een ietwat robuustere benadering gekozen dan op voorgangers The Path en Shades, zonder zijn melancholieke stijl te verloochenen. Hij heeft zijn concept dan ook weer met een typische jaren zeventig attitude benaderd: de verteller (van der Laan) introduceert de held en zijn queeste, die voorts door Swart met zijn fluisterende stem bezongen worden. Dit laatste heeft meestal een introvert akoestisch karakter, dat effectief bijdraagt aan de uitwerking van het thema. Hoewel niet geheel verdwenen, heeft de intieme, Anthony Phillips-sfeer van weleer echter grotendeels plaatsgemaakt voor een vollere symfonische sound, die qua gitaarwerk en toetsenspel meer in het verlengde ligt van

 Phillips’ opvolger bij Genesis, Steve Hackett (en zijn Voyage Of The Acolyte in het bijzonder). Er valt dan ook regelmatig te genieten van warme passages, vol slepende en jubelende gitaarsolo’s en Mellotron-achtige strijkers en koren, die een flinke dosis dynamiek meekrijgen door de traditionele drums van Koos van Reeven. Goed voorbeeld hiervoor is het slot van Descriptions Of Ymyty, The Edhazherã genaamd, waarin op gedragen wijze toegewerkt wordt naar de klassieke finale. De spanning wordt verder door diverse effecten versterkt, zoals spacy synths in The Dawning Of Nylyo (de planeet), Also Sprach Zarathustra-achtige pauken in The Pontha (het ruimteschip) of duistere, zware dreunen in Mysterious Allurement. Met Rofloré heeft Swart min of meer zijn eigen biografie vervolgd. Net als zijn hoofdpersoon verliet hij de bijna knusse veiligheid van zijn vorige albums om zich muzikaal meer in de grilliger buitenwereld te wagen. Dit openstaan voor het extraverte heeft een melodieuze trip opgeleverd, die alle kenmerken van zijn oude werk op sterke wijze combineert met een dramatiek die menig Genesis-liefhebber vertrouwd in de oren zal klinken.  

 

René Yedema

        index

 

 

       Progwereld - juni 2009

       Recensie van 'Rofloré'

 

PETER SWART

Rofloré

Tweehonderd jaar durende zoektochten door parallelle sterrenstelsels (in dit geval Kavhalan) met luchtschepen (in dit geval de Pontha) zijn voor een beetje progliefhebber natuurlijk gesneden koek. Peter Swart, die zijn atmosferische muziek meest laat inspireren door de hersenspinsels van Peter van der Laan, met wie hij al zo'n dertig jaar samenwerkt en met wie het laatste wapenfeit de band Morphosis is, geeft op zijn eigen website al aan dat ze in de jaren '70 door de symfonische popmuziek beïnvloed zijn en dat er sindsdien eigenlijk weinig veranderd is. Dan kun je als goed recensent natuurlijk niet nog een keer op eigen kracht beweren dat een plaat misschien een tikkeltje gedateerd klinkt.

Een zoektocht over Swarts eigen website wekt verder de indruk dat "Rofloré" diens meest ambitieuze project tot nu toe is. Eerder werk was gebaseerd op schilderijen, verhalen en dromen of was eventueel geschikt voor audiovisuele projecten, maar nu hebben we dan een heuse conceptplaat te pakken. Voor een ambitieuze plaat klinkt "Rofloré" echter opvallend luchtig, een beetje op het vrijblijvende af.

"Rofloré" bestaat uit negen tracks, of 23 zo u wilt, die tezamen ruim veertig minuten muziek opleveren. Deze muziek vormt een samenraapsel van allerlei muzikale ideetjes die inderdaad allemaal in de jaren

 

 '70 geworteld zijn. Akoestische gitaarstukjes vloeien over in spacey toetsenwerk, hier en daar met een mooi accent van baspedalen (of die nou uit een doosje komen of niet...). De muziek is voor een flink deel instrumentaal. Aan het begin houd ik nog even mijn hart vast, zodra er een verteller langskomt, maar deze eist gelukkig geen rol van "War of the Worlds"-achtige proporties op. Wat rest is een aardig soort varietéprog die gedachten oproept aan bijvoorbeeld Eloy, Kayak, Mike Oldfield en Vangelis. Hier een goed werkende spanningsboog, daar toch weer een wat fragmentarisch stuk.

In de (semi-)instrumentale prog, met sf-achtige thema's, die bovendien leentjebuur speelt bij ambient of new age is het aanbod van klinkklare rotzooi misschien wel groter dan in welk ander deelgebied van ons, toch al behoorlijk door redundantie geplaagde, aller favoriete genre dan ook. Swart laat met "Rofloré" het grootste deel van deze rotzooi met gemak achter zich, maar de notitie van een wat fragmentarische plaat, waarop de themaovergangen nu en dan erg abrupt aandoen, blijft staan. Het onderwerp van het concept komt me ook wat uitgekauwd voor, mais soit, daar ligt misschien iets te veel persoonlijke afkeer aan ten grondslag voor een eerlijk oordeel. Welk eindoordeel kan ik dan wel vellen? In zijn soort is "Rofloré" héél aardig.

Casper Middelkamp

        index